Gaswassers: werking & wetgeving
Gaswassers: werking & wetgeving
Wat is een gaswasser?
Een gaswasser, ook scrubber of natwasser genoemd , is een reinigingsinstallatie voor schadelijke of hinderlijke gassen en dampen. Producten als zoutzuur (HCl), azijnzuur en ammoniak (NH3) dampen sterk bij omgevingstemperatuur en zijn schadelijk voor mens en omgeving. Een gaswasser behandelt deze dampen nadat ze via de tankontluchting of een industrieel proces worden afgevoerd.
Welke stoffen en dampen kan een gaswasser behandelen?
Gaswassers worden onder meer gebruikt voor het behandelen van:
- zure dampen, zoals HCl, HF, HNO₃ en SO₂;
- basische dampen, zoals ammoniak of NH₃;
- waterstofsulfide of H₂S;
- chloor of Cl₂
- stikstofoxiden of NOx
- wateroplosbare vluchtige organische stoffen of VOC’s
- procesemissies uit chemische productie
- geurcomponenten;
- oplosbare organische verbindingen;
- dampen uit chemicaliëntanks;
- proceslucht uit chemische en industriële installaties;
- stofbeladen lucht, wanneer een natte ontstoffingstechniek geschikt is.
Hoe werkt een gaswasser?
Een gaswasser brengt vervuilde lucht of gas intensief in contact met een wasvloeistof. De ongewenste stoffen gaan daarbij vanuit de gasfase over naar de vloeistof en worden door de wasvloeistof opgenomen. Dit proces heet absorptie of gaswassing.
Afhankelijk van de toepassing werkt de installatie met:
- zuiver water
- een zure of basische wasvloeistof
- een oxidatieve wasvloeistof
De geschikte oplossing hangt onder andere af van de aanwezige stoffen, hun concentratie, de temperatuur en de vochtigheid van de gasstroom, het gewenste verwijderingsrendement en de variatie in het proces.
Werking klassieke gepakte gaswasser
Bij een klassieke gepakte gaswasser, een kolom gevuld met vulmateriaal, ook wel packing genoemd, verloopt dit proces in verschillende stappen.
Opvang van de vervuilde lucht
De dampen worden zo dicht mogelijk bij de bron opgevangen. Via leidingen of luchtkanalen worden ze naar de gaswasser gevoerd.
Verdeling van de lucht
De gas wordt gelijkmatig over de volledige doorsnede van de gaswasser verdeeld. Zo wordt voorkomen dat een deel van de lucht onvoldoende wordt behandeld.
Contact met de wasvloeistof
De lucht stroomt door een zone met speciaal vulmateriaal. De wasvloeistof wordt over dit materiaal verdeeld.
Het vulmateriaal creëert een groot contactoppervlak tussen de lucht en de vloeistof. Hoe beter dit contact, hoe efficiënter de gaswassing.
Opname en neutralisatie
De vervuilende stoffen worden door de wasvloeistof opgenomen. Wanneer water alleen niet volstaat, wordt een geschikt chemisch product toegevoegd.
Zo kunnen opgenomen stoffen worden geneutraliseerd of chemisch omgezet.
Druppelafscheiding
Een druppelafscheider voorkomt dat fijne druppels met de behandelde lucht worden meegevoerd.
Procesbewaking
Afhankelijk van de installatie worden onder meer pH, redox, geleidbaarheid, niveau, debiet en druk bewaakt.
Spui en verversing
Wanneer het waswater te sterk belast raakt, wordt een deel afgevoerd en vervangen of verder behandeld.
Welke uitvoering heb je nodig?
CGK Group realiseert verschillende soorten gaswassers:
Bij het kiezen van de juiste gaswasser moet je rekening houden met een aantal cruciale factoren zodat de lucht volledig kan ontdaan worden van de schadelijke dampen. Aan de hand van een diepgaande analyse installeren wij voor jou het meest geschikte gaswassingsysteem.
- passieve gaswassers voor beperkte dampstromen; actieve gaswassers met vers waswater; actieve gaswassers met circulatie;
- verticale en horizontale scrubbers;
- meertraps of ééntraps gaswassers;
- compacte scrubbers voor chemicaliëntanks;
- combinaties met dampfilters, actiefkoolfilters of biofilters.
Gaswassers en wetgeving: wanneer is een gaswasser verplicht?
De noodzaak tot een gaswasser hangt onder meer af van de schadelijkheid en vluchtigheid van het product, de omgevingstemperatuur en het dampdebiet en de geldende emissie- en vergunningsvoorwaarden.
De dampspanning is daarbij een belangrijke parameter. Ze geeft aan hoe gemakkelijk een product bij een bepaalde temperatuur verdampt. Hoe hoger de dampspanning, hoe meer dampen bij opslag, verwerking of het vullen van een tank kunnen vrijkomen.
Voor bepaalde opslaginstallaties is volgens VLAREM II (5.17.4.1.9) een gaswasser verplicht bij een dampspanning vanaf 13,3 kPa en een temperatuur vanaf 35°C. Producten met een hoge dampspanning verdampen sneller en vereisen daarom vaak een gaswasser om emissies te beheersen.
Een bijkomende belangrijke factor is de relatieve dichtheid van het verzadigd damp- of luchtmengsel bij 20°C. Wanneer deze tussen 0,9 en 1,1 ligt, kunnen dampen zich gemakkelijk met lucht mengen, waardoor een gaswasser sterk wordt aangeraden om verspreiding naar de omgeving te voorkomen.
Zit de gaswasser op de tankontluchting? Dan voorzie je best een onder- of overdrukbeveiliging op de tank.
Bespreek je gasstroom met onze engineers
Heb je last van zure dampen, ammoniak, geurhinder of andere schadelijke emissies? Of twijfel je of je huidige gaswasser nog voldoet aan de proces- en emissievereisten?
Bezorg ons indien mogelijk: het type proces of de emissiebron, de stoffen die verwijderd moeten worden, de beschikbare concentraties, het normale en maximale gasdebiet, de temperatuur, de gewenste emissiewaarde, info over de bestaande installatie.
Tips & wetgeving
Heb ik een gaswasser nodig?
De noodzaak tot een gaswasser hangt af van de productvluchtigheid, de omgevingstemperatuur, de luchtvochtigheid ... Maar ook de dampspanning speelt een rol: hoe hoger de spanning, hoe sneller het product verdampt. Om de lucht 100% te zuiveren houdt het wasserontwerp rekening met allerlei factoren:
- Zit de wasser op de tankontluchting? Dan voorzie je best een onder- of overdrukbeveiliging op de tank.
- Een dampspanning van 13,3 kPA bij 35 °C? Dan is een gaswasser verplicht, zie ook 5.17.4.1.9 in Vlarem II.
- Tot slot is er de relatieve dichtheid van het verzadigd damp- of luchtmengsel bij 20 °C. Ligt ze tussen 0,9 en 1,1? Dan mengen de dampen zich makkelijk met lucht, ze lossen dus op.